Wie kan werken, moet werken

Sportwurk Fryslân houdt de gemoederen van raadsleden regelmatig bezig. Zo vond er op 17 december 2003 een interpellatie van de PvdA plaats. De PvdA: "Deze mensen zomaar in de WW sturen en daarna eventueel in de bijstand is absoluut geen oplossing wat ons betreft. … Ik heb begrepen dat er plannen zijn om samen met het UWV een oplossing voor deze mensen te zoeken en die zie ik nog niet." En de SP over hetzelfde onderwerp tijdens die vergadering: "Naar mijn mening is toch het regeringsbeleid er de oorzaak van dat veel mensen, die tot voor kort met veel plezier in hun gesubsidieerde baan deelnamen aan de maatschappij, opnieuw worden veroordeeld tot armoede en ongelukkig zijn."

In de raadsvergadering van 5 juli 2004 vroeg het CDA naar de stand van zaken met betrekking tot Sportwurk Fryslân. De beantwoording heeft het college gedaan door middel van een brief van 9 september jl.. Hierin staat: "14 personen waren niet gemotiveerd om mee te werken aan een reïntegratietraject. In een enkel geval is een aanbod voor regulier werk geweigerd. … … … Het feit dat bijna 37 procent niet op een positieve manier heeft willen meewerken om hun kans op instroom in de WW te verkleinen, is teleurstellend."

Hoezo "mensen zomaar in de WW sturen" of "mensen opnieuw veroordelen tot armoede en ongelukkig zijn", als je gewoon niet gemotiveerd of bereid bent om iets aan je situatie te doen? Mensen hebben daarin ook een eigen verantwoordelijkheid. Ze moeten ook zelf iets willen doen aan hun situatie. Iemand kan de bal daarvoor niet alleen bij de overheid leggen.

Verbazen doet het me niet echt meer. Want voor de zomervakantie waren er ook al twee voorbeelden, mensen die gesubsidieerd werk deden, maar geen zin hadden om via een reguliere baan in een pillenfabriek te gaan werken of met een auto langs bushaltes te gaan om bushokjes schoon te maken. Maar ook een Leeuwarder bedrijf dat voor laag geschoold lopende bandwerk geen Nederlandse werkzoekenden meer kan krijgen om het werk te doen. En dat terwijl er nog genoeg mensen in de bakken zitten bij de sociale dienst.

Maar ik blijf het toch onbegrijpelijk en schokkend vinden. Waarom is iemand niet gemotiveerd om weer aan het werk te gaan? Waarom wil je liever een gesubsidieerde baan hebben, in plaats een reguliere baan? Waarom wil je niet alles in het werk stellen om gewoon je eigen brood te kunnen verdienen? Ik begrijp dat niet! Is het gewoon te weinig motivatie? Of is er te weinig stimulans om aan het werk te gaan?

In het verleden sprak menigeen in Leeuwarden van de armoedeval, maar de laatste jaren hoor je daar niemand meer over in de gemeenteraad. Het gemeentelijke minimabeleid is heilig, dat bleek maar weer eens bij het vaststellen van het Meerjarenbeleidskader voor de Wet Werk en Bijstand (WWB). Als je een wijziging van het minimabeleid zelfs maar durft te noemen, is het al mis.

In de gemeenteraad is de reactie op nieuws uit de brief van 9 september jl. nihil. Geen verbijstering, geen verontwaardiging, geen boosheid, niets! Soms vraag ik me wel eens af: wil men het misschien niet horen? komt het ze soms niet goed uit? Ik dacht toch eigenlijk dat we inmiddels zover waren dat we dit soort zaken gewoon bij hun naam mochten noemen. Maar in een stad als Leeuwarden twijfel ik daar toch wel eens aan.

Er wordt meestal heel snel geroepen: er is toch geen werk! Dat mensen wel degelijk aan het werk kunnen komen, blijkt uit het feit dat bijna 30% van de mensen bij Sportwurk Fryslân inmiddels een baan hebben of binnenkort een baan zullen krijgen op de reguliere arbeidsmarkt (zie de eerder genoemde brief). Dat is natuurlijk fantastisch, want hoe leuk of hoe nuttig een gesubsidieerde baan ook kan zijn, het kan nooit op tegen een reguliere baan en je eigen broek ophouden!

Wie kan werken, moet werken! Voor degenen die niet kunnen werken, zoals chronisch zieken en gehandicapten, en het dus echt nodig hebben, moet er een goed sociaal vangnet zijn. Degenen die niet willen werken of te weinig doen om aan (regulier) werk te komen, moeten hard aangepakt worden. En om mensen te stimuleren en niet in de armoedeval terecht te laten komen, zullen we daarom ook kritisch naar het minimabeleid moeten willen kijken. En het dus niet blijven beschouwen als één van de laatste heilige huisjes in de Leeuwarder politiek. Het lijkt er soms wel op dat hoe meer geld we kunnen doorsluizen naar de minima, hoe beter dat voor de minima is. En dat is de boel natuurlijk voor de gek houden.

Het minimabeleid zou wat mij betreft primair gericht moeten zijn op mensen die echt niet (meer) kunnen werken. Die groep moet je ook durven benoemen, en zoveel mogelijk helpen. Maar dan moet je aan de andere kant ook durven kiezen. Zodat de armoedeval bij degenen die kunnen werken minder hard toeslaat als ze werk kunnen krijgen. Dat kan alleen maar ten goede komen aan de motivatie. Als we de mensen echt willen helpen, als we echt sociaal zijn, zullen we ook het minimabeleid moeten durven en willen aanpassen.

Ik hoop dat het UWV in ieder geval het lef heeft om de mensen van Sportwurk Fryslân die niet hebben willen meewerken om hun kans op instroom in de WW te verminderen, hard aanpakt. Want het draagvlak voor onze sociale voorzieningen en de solidariteit met de mensen die het echt nodig hebben, wordt door dit soort personen ondermijnd. En voor de mensen die inmiddels een reguliere baan hebben gevonden (of binnenkort krijgen): hartstikke veel succes!

Aukje de Vries - 19 september 2004