Politieke correctheid

Op maandag 29 november jl. was het dan zo ver. Het breed aangekondigde stadsgesprek naar aanleiding van de moord op Theo van Gogh. De Leeuwarder Courant had de volgende dag als kop op de regiopagina: stadsgesprek ‘smaakt naar meer’. Ik moet heel eerlijk zeggen dat ik dat gevoel absoluut niet had. Nou moet ik er wel bij zeggen, dat ik alleen de tweede helft van het stadsgesprek heb kunnen meemaken (maar van de andere deelnemers heb ik begrepen dat het niet echt veel verschilde van de eerste helft), omdat ik elders verplichtingen had, maar toch.

Waarom smaakt het stadsgesprek wat mij betreft niet naar meer? Op de website van de gemeente Leeuwarden staat dat het een avond van eerlijkheid en openheid was. Dat was natuurlijk maar zeer beperkt waar. Jazeker, er was eerlijkheid en openheid, maar slechts van een zeer beperkte groep mensen. Het was een uitermate politiek correctie avond, zonder extreme standpunten en meningen. En ik had sterk het gevoel dat we op deze avond de warme deken, die de afgelopen jaren voor mijn gevoel toch een beetje was verdwenen, weer bezig was aan een come-back.

Natuurlijk, er waren oer-feministes die de positie van de moslimvrouw van nu vergeleken met hun eigen positie in het verleden, dat het niet zozeer ging om "niet mogen", maar om "niet durven". En er waren moslims die zeiden dat er misschien wel andere moslims zijn die hun vrouwen thuis houden of zelfs wel eens slaan.

Maar ik heb geen vrouwen met hoofddoekjes gezien op die avond, die zich eerlijk en open uitspraken over hun eigen positie. Ik heb geen moslimmannen gehoord die zeiden dat hún vrouw niet mocht komen. Ik heb niet groepen autochtonen gezien, die negatief aankijken tegen moslims en buitenlanders, en die zich open een eerlijk uitspraken. Ik hoor toch echt wel andere reacties dan de meestal behoorlijk politiek correcte uitspraken tijdens die avond. Toen iemand het had over zijn "Theo van Gogh" en iets durfde te zeggen over het feit dat zijn Iraanse buurvrouw niet meer met hem mocht praten van haar man, merkte je dat veel mensen in de zaal daar een beetje ongemakkelijk van werden. De reactie was al heel snel dat we niet moeten generaliseren.

Dialoog is goed, maar dan wel met alle groepen ook al hebben ze misschien een erg uitgesproken, soms zelfs extreme mening, en niet alleen met de groepen mensen die het toch wel redelijk met elkaar eens zijn. Zolang ook de meer uitgesproken groepen niet meedoen aan zo’n stadsgesprek heeft het niet zoveel zin.

Waar ik mij tot slot persoonlijk nog wel over heb verbaasd is wat Geert Dales bij de afsluiting van het stadsgesprek zei. Vrijheid van meningsuiting is het grootste goed. De enige persoon die de grenzen van de vrijheid van meningsuiting bepaald, is de rechter. Dat is wat Dales altijd heeft verkondigd. En daar ben ik het volledig mee eens.

Maar Dales voegde daar iets aan toe, hij gaf op die bewuste maandagavond aan dat dit eigenlijk toch niet helemaal geldt voor politici en opiniemakers, die moeten beter letten op wat ze zeggen. Wat bedoelde Dales daar nou eigenlijk mee? Dat Ayaan Hirshi Ali in het verleden niet de juiste vorm, niet de juiste toon heeft gehad in het debat? Dat Ayaan Hirshi Ali de film Submission I niet had moeten maken, omdat dit sommige mensen ergert en shockeert? Dat Theo van Gogh, als film- én opiniemaker, bepaalde termen niet had mogen gebruiken, omdat je dan teveel tegenstand opbouwt?

Eerder zei Dales dat echter "alles wat riekt naar censuur, naar beperking van de vrije gedachtenvorming, naar inperking van de vrije meningsuiting met hand en tand moet worden bestreden". En nu moet er toch een soort "zelfcensuur" komen bij politici en opiniemakers?

Wat vind je nu eigenlijk echt, Geert?

Wat mij betreft, moet iedereen zich uitspreken op zijn eigen manier, ongeacht of het een politicus is of niet. En laat de rechter uiteindelijk de grens van de vrijheid van meningsuiting maar bepalen.

Aukje de Vries – 4 december 2004