Friesland pas op voor verzwakking steden (Te Gast in LC)

Kort geleden presenteerde minister Remkes van Binnenlandse Zaken de discussienotitie “Maatwerk in het middenbestuur”. Over gemeentelijke herindelingen zegt de minister: “Ik denk in dat verband primair aan randstedelijke provincies (minus Flevoland), maar in een latere fase ook aan Groningen, Limburg en Fryslân’’. Op 13 september praat de Steatekommisje Boarger en Mienskip over de bestuurskracht van Fryslân.

In Friesland is discussiëren over herindeling riskant. Je wordt door de liefhebbers van het kleinschalige platteland meteen bij de enkels afgezaagd en vervolgens door de kiezers afgestraft, is het idee. Politici beginnen er maar liever niet aan.

Maar zou dat risico nog steeds zo groot zijn? Volgens mij hebben veel inwoners van onze provincie onderhand wel in de gaten dat er iets moet gebeuren. 

De taken van een gemeente worden ingewikkelder, de verantwoordelijkheden en de risico’s worden groter. Dus veranderen ook de eisen die aan een gemeente gesteld worden. De kleinere gemeenten zoeken daarom de laatste jaren hun heil in samenwerking op allerlei terreinen, daarbij voor lief nemend dat dit ten koste gaat van de democratische controle.

De gemeentehuizen van de kleinste gemeenten worden leger en leger. Alle beleid en uitvoering op het gebied van bijvoorbeeld automatisering, afvalinzameling, onderwijs, bijstandsverstrekking en maatschappelijke ondersteuning vinden inmiddels elders plaats.

Van een symbool van zelfstandigheid verworden de gemeentehuizen tot een herinnering aan diezelfde zelfstandigheid. Mooi dat het kon, maar we moeten niet in de nostalgie blijven hangen.

Gemeentelijke samenwerking is een lapmiddel. Elke gemeente moet volgens mij in staat zijn om het leeuwendeel van haar taken zelfstandig uit te voeren. Dan komt democratie en de democratische controle het beste tot zijn recht.

Elders in Nederland zijn er voorbeelden van kleine gemeenten die zelf tot fusie hebben besloten omdat hun organisatie dan professioneler kon worden opgetuigd en omdat de invloed van burgers op het beleid in zo’n gemeente groter is dan bij een kleine gemeente die al haar activiteiten elders heeft ondergebracht.

In Friesland ligt dat anders. Hier gaan de hakken nog altijd in het zand zodra het H-woord valt. Burgemeester Bearn Bilker van de gemeente Kollumerland c.a. reageerde meteen op de BZK-notitie. Zijn stelling: een nieuwe herindelingsdiscussie zal de gemeentelijke samenwerking hinderen. Tja, daar is hij dan zelf bij, en debet aan. Bestuurders die zichzelf een pleister op de mond plakken, doen de burgers tekort.

In het verlengde van deze houding dreigt een tweede gevaar: plattelandsgemeenten die de rug naar de steden toekeren. Dat is onder meer aan de hand in het noorden van onze provincie, waar Leeuwarderadeel, It Bildt, Menaldumadeel en Ferwerderadiel elkaars toenadering zoeken. Nadrukkelijk sluiten ze de stad – lees: Leeuwarden – uit.

Friesland heeft niet alleen een sterk platteland nodig, maar ook sterke steden. Nu al hebben de steden in de Friesland houden en keren om op het landelijk toneel hun partijtje mee te blazen. Wanneer de plattelandsgemeenten hun neus blijven ophalen voor de steden, wacht de laatsten een rol achter de coulissen. Dat is niet in het belang van het platteland.

Op den duur zullen kleine, zwakke steden voorzieningen als werk, onderwijs en medische zorg niet op eigen kracht overeind kunnen houden. Hun plattelandsburen zullen dat evenmin kunnen. Als we daar voor kiezen, kunnen we beter meteen een hek om Friesland zetten.

Laatst zei iemand al eens grappend tegen me, dat we de gemeente Leeuwarden misschien beter op kunnen splitsen en verdelen over de omliggende gemeenten. Dat is tekenend voor de discussie in Friesland.

Ik zou toe willen naar enkele grote toekomstbestendige gemeenten, met platteland en steden die elkaar versterken, waar logische samenhangen worden gezocht als het gaat om sociaal-economische aspecten, woningmarktgebieden, voorzieningen, etc.

Provincie, pak in het belang van de Friese burgers je verantwoordelijkheid. Maak keuzes en neem beslissingen met de toekomstige ontwikkelingskansen van stad én platteland voor ogen.

Aukje de Vries - september 2006