VVD positief over voornemen verkoop Propertize

Onlangs heeft minister Dijsselbloem aangegeven het voornemen te hebben tot verkoop van Propertize. VVD Tweede Kamerlid Aukje de Vries is voorstander van het snel en verantwoord weer terug naar de markt brengen van de bedrijven die in de financiële crisis noodgedwongen eigendom zijn geworden van de Nederlandse Staat. De vastgoedbeheerorganisatie Propertize, zoals die is ontstaan na de afsplitsing van SNS Reaal, is geen taak van de overheid

Antwoorden

Inbreng schriftelijk overleg van het lid Aukje de Vries (VVD) ten aanzien van de brief “voornemen verkoop Propertize” (activiteitennummer 2015A04517)

De leden van de VVD-fractie hebben met instemming kennisgenomen van het voornemen tot verkoop van Propertize. De VVD is voorstander van het snel en verantwoord weer terug naar de markt brengen van de bedrijven die in de financiële crisis noodgedwongen eigendom zijn geworden van de Nederlandse Staat. De vastgoedbeheerorganisatie Propertize, zoals die is ontstaan na de afsplitsing van SNS Reaal, is geen taak van de overheid. Het belangrijkste uitgangspunt van de VVD bij de verkoop is dat er zoveel mogelijk belastinggeld terugkomt. Belangrijk voor de VVD is ook dat bij verkoop de risico’s voor de Nederlandse staat zo snel mogelijk worden verminderd, en dus ook garanties worden afgebouwd.

De leden van de VVD-fractie lezen dat de verkoop een aantrekkelijke verkoopopbrengst kan opleveren, waarbij de staat direct van een groot deel van haar risico af is. Waarom is de staat niet van al haar risico’s af? Welke risico’s resteren straks nog?

In de media is commotie ontstaan onder de klanten van Propertize over het voornemen tot verkoop van Propertize. In het NRC Handelsblad zegt directeur Van Boom van B&S Vastgoed dat als dit plan doorgaat zijn beleggers al hun geld kwijt zijn (55 tot 65 miljoen euro). Voor alle klanten van Propertize zou de mogelijke totaalschade circa 4,7 miljard euro bedragen. Wat vindt de minister daarvan? In hoeverre klopt dat? En zijn er meer klanten van Propertize die hun zorgen hebben geuit over de verkoop?

Doel voor de Nederlandse staat was/is het volledig afbouwen van haar financiële belang in Propertize. Daarom mocht Propertize terecht geen nieuwe kredieten verstrekken. In hoeverre zijn straks de klanten daardoor ook beter af, omdat een overnemende partij wel weer nieuwe kredieten kan of mag verstrekken?

In het advies van NLFI over de verkoop van Propertize staat bij de vormgeving vanPropertize dat bij de beoordeling van de biedingen naast de verkoopopbrengst van de verkoop ook de kwaliteit van de bieding (onder meer de juridische voorwaarden) en de visie van de vennootschap worden meegewogen. De VVD neemt aan dat de Minister dit deel van het advies , net als de VVD, ook ondersteunt. Klopt dat? Zo nee, waarom niet?

Wat wordt precies bedoeld met de juridische voorwaarden als beoordelingscriterium? In hoeverre wordt hier ook bedoeld de afname van de risico’s voor de staat en afbouw van de staatsgarantie? Wat wordt bedoeld met “visie van de vennootschap”?

De staatsgarantie vervalt nadat het laatste deel van de aangetrokken financiering is terugbetaald, en dat is pas begin 2019 het geval. Het risico bestaat dat de staat bij verkoop geen invloed meer heeft om de afbetaling van de financiering af te dwingen. Dat zal bij de verkoop gemitigeerd moeten worden, lezen de leden van de VVD-fractie. Welke mogelijkheden ziet de minister daartoe?

Wat is de totale financiële balans van de Nederlandse staat als het gaat om (geraamde) opbrengsten en uitgaven in het kader van de financiële crisis?