Debat Belastingplan 2018

De VVD is tevreden over het totale pakket aan nieuwe belastingmaatregelen. Belastingen op inkomen, winst en spaargeld gaan omlaag. Het is terecht dat na zware crisisjaren mensen voelen dat het beter gaat. Daarnaast heeft Aukje de Vries gevraagd naar de vermogensrendementsheffing. We willen toe naar een systeem op basis van werkelijk rendement en dat staat ook in het regeerakkoord. Wat de VVD betreft moeten er zo snel als mogelijk meer stappen worden gezet, dus: voortvarend aan de slag en niet denken in onmogelijkheden, maar kijken naar wat wel mogelijk is.

 

Bijdrage Aukje de Vries bij het debat Belastingplan 2018
Als de VVD kijkt naar het totale pakket aan fiscale maatregelen in het regeerakkoord, dan is de VVD tevreden. We gaan de inkomstenbelasting fors verlagen, we gaan de vennootschapsbelasting verlagen en we gaan de belasting op spaargeld verlagen: al met al een pakket van zo'n 6,5 miljard euro aan lastenverlichting. Na de zware jaren in de economische crisis willen we nu ook weer laten voelen dat het beter gaat. De meeste groepen, maar vooral de middengroepen en de gezinnen, gaan hiervan profiteren. We vinden ook dat werken weer meer moet lonen en dat je, als je een paar euro meer krijgt, er niet in een keer stevig op achteruit mag gaan. Dan doen we onder andere door de huurtoeslag aan te passen, maar ook door bij de ouderenkorting een geleidelijke afbouw in te bouwen.

We spreken vandaag slechts over een beperkt aantal maatregelen uit het fiscale pakket uit het regeerakkoord. We begrijpen ook dat deze nu separaat aan de Tweede Kamer worden voorgelegd, maar eerder heb ik al een punt gemaakt over de samenhangende pakketten. We draaien nu de verlenging van de schijf met het lage tarief in de vennootschapsbelasting terug en we verhogen het effectieve tarief voor de Innovatiebox van 5% naar 7%, terwijl maatregelen als het verlagen van de vennootschapsbelasting in de twee schijven naar 16% en 21% nu nog niet is of wordt geregeld. Dat moet wat ons betreft in de toekomst wel anders. Uit het eerdere debat hierover met de minister en de staatssecretaris maak ik op dat ze dit ook begrijpen en er in de toekomst ook rekening mee zullen houden. Kunnen wij de staatssecretaris hieraan houden?

Vermogensrendementsheffing
De vermogensrendementsheffing is een belasting op geld waarover meestal al een keer belasting is betaald. Daarnaast wordt het huidige systeem als oneerlijk ervaren, omdat het fictieve rendement waarmee wordt gerekend in de meeste gevallen hoger is dan het werkelijke rendement dat mensen behalen of kunnen behalen. In het regeerakkoord wordt een eerste goede stap gezet: een hogere vrijstelling van €30.000 en rekenen met een actueler rendement op spaargeld. Ik ben blij met de verhoging van de vrijstelling, die ervoor zorgt dat de kleine spaarder minder snel zal moeten afrekenen bij de fiscus. Uiteindelijk zorgen de maatregelen voor bijna een half miljard euro aan minder belasting op spaargeld.

Wat ons betreft zijn de voorgestelde maatregelen nadrukkelijk een eerste stap, want uiteindelijk willen we toe naar een systeem op basis van werkelijk rendement. We vinden niet dat het kabinet daar dan ook nog drie tot vier jaar over moet doen. Wat de VVD betreft moeten er zo snel als mogelijk meer stappen worden gezet, dus: voortvarend aan de slag en niet denken in onmogelijkheden, maar kijken naar wat wel mogelijk is. Hoe kijkt de staatssecretaris daarnaar?

De btw en zeeschepen
Dan de maatregelen uit het oude Belastingplan, om het zo maar even te noemen, allereerst de btw en de zeeschepen. De VVD is blij dat de staatssecretaris op verzoek van de Tweede Kamer al een aanpassing heeft gedaan en het percentage voor schepen op volle zee heeft afgezwakt van 90% naar 70%. Zoals in het vorige debat al is aangegeven, vinden wij dat het besluit in totaliteit gewoon een jaar moet worden uitgesteld. Volgens mij is daarvoor inmiddels al een amendement ingediend door D66, mede namens VVD, CDA en ChristenUnie. De VVD wil graag dat de staatssecretaris het komende jaar in overleg gaat met de scheepvaart- en maritieme sector om te komen tot een werkbare oplossing en dat, conform de ingediende motie, de komende tijd wordt benut om de gevolgen voor de waddenveren op te lossen, met name voor de eilandbewoners. Dit is hun enige verbinding met het vasteland en hier moeten ze vaak gebruik van maken.

Verder heeft de VVD nog een amendement in voorbereiding met betrekking tot de verhoging van de kansspelbelasting. De PVV sprak daar zonet ook al over. Wat ons betreft moet je die echt beperken tot een jaar, zoals ook de bedoeling is. De VVD vindt het onredelijk dat de sector de dupe wordt van vertraging van de kant van de overheid bij wet- en regelgeving. Met dit amendement willen we de druk ook op die besluitvorming houden.

Een ander amendement is, wat de VVD betreft, dat over de aansprakelijkheid van pandhouders, hypotheekhouders en executanten als het gaat om de btw. De VVD vindt het helderder als vastgelegd wordt dat het erom gaat dat degene wist of behoorde te weten dat er omzetbelasting verschuldigd is. Dit maakt volgens ons het wetsvoorstel duidelijker.

In het vorige debat hebben we het al gehad over de informatievoorziening van de Belastingdienst bij de erfbelasting. Afgelopen week was er weer een zaak in het nieuws waarbij de informatievoorziening gewoon niet als voldoende of voldoende duidelijk wordt ervaren. Het gaat om het verlies van toeslagen als je trouwt. Kan de staatssecretaris op die situatie ingaan? En kan hij ook kijken of die informatievoorziening beter en begrijpelijker kan worden? Wij denken dat dat belangrijk is voor mensen, omdat ze soms honderden euro's aan toeslagen terug moeten betalen. Dat is wat ons betreft onwenselijk.

Overige fiscale maatregelen 2018
In dit wetsvoorstel zitten voor de VVD toch wel een paar dilemma's, bijvoorbeeld bij de inkeerregeling. De VVD wil graag zwartspaarders hard aanpakken, maar wil goedwillende burgers en bedrijven het niet moeilijk maken.

Het gaat hier ook om het schrappen van de automatisch schorsende werking bij fiscaal verzet. De VVD wil niet dat dit ingezet wordt voor vertragingstactieken, maar wil mensen ook niet de dupe laten worden. Volgens mij heeft ook op dit vlak D66 een amendement ingediend om in ieder geval een evaluatiemoment in te bouwen. Daar staan we dan ook positief tegenover, maar we wachten ook nog even de reactie van de staatssecretaris af.

Dan de verdeling bij het huwelijksvermogensrecht. De VVD snapt het probleem dat je belastingontwijking door het aangaan van een huwelijk wilt voorkomen. Zo kan de schenk- en erfbelasting worden ontweken. Maar we hebben in het debat hiervoor ook al een aantal voorbeelden gewisseld waarbij er nogal wat zorg is over hoe dit nu gaat uitpakken. We zouden de staatssecretaris in ieder geval willen vragen om de komende paar jaar te monitoren hoe dit nu verloopt, en de Tweede Kamer daar ook over te rapporteren. Kan de staatssecretaris dat toezeggen?

Tot slot hebben we op dit voorstel ook nog een amendement in voorbereiding over het handhaven van de tegenbewijsregeling bij de berekening van voorkomingswinst bij interne verbruiksvergoedingen. Want volgens ons zorgt dat voor meer maatwerk.

Btw-landbouwvrijstelling
Allereerst dank ik de staatssecretaris dat hij voor de overgang meer ruimte geeft aan ondernemers om zich aan te passen aan de nieuwe regelgeving. En verder is het goed dat de staatssecretaris gaat kijken of de groep landbouwers die van de kleineondernemersregeling gebruik kan maken, kan worden uitgebreid. Dat geldt overigens voor de VVD in brede zin als het gaat om kleine ondernemers. Gemiddeld gaan de gebruikers van die landbouwregeling er 0,6% op achteruit door het afschaffen van de regeling, maar bij de verkoop van paarden en diensten voor fokinstellingen kan het zo'n 15% zijn. Is de staatssecretaris bereid om toch nog eens een keer met die groep in gesprek te gaan, om te kijken wat nu die echte gevolgen in de praktijk zullen zijn, en daarover de Tweede Kamer te rapporteren voor het volgende belastingplan?

Wet inhoudingsplicht houdstercoöperatie en uitbreiding inhoudingsvrijstelling
Voor de VVD is het cruciaal dat reële coöperaties niet worden geraakt door dit voorstel. Nederland is van oudsher een land van coöperaties. Veel zijn er gerelateerd aan de landbouwsector of zijn daar actief in. Deze zijn belangrijk voor banen in Nederland. De staatssecretaris heeft toegezegd te zullen monitoren of echter reële coöperaties geraakt gaan worden en daarover de Tweede Kamer te informeren. Dat is wat ons betreft goed. Maar wij willen toch ook wel vragen om oog te blijven houden voor een overkill die er eventueel in de maatregelen zou zitten.