Belangrijk dat zorggeld rechtmatig wordt besteed

De VVD vindt het belangrijk dat zorggeld rechtmatig wordt besteed. Zorggeld moet immers zoveel mogelijk aan zorg worden besteed. Daarom is het belangrijk dat de informatie over de zorguitgaven tijdig beschikbaar is, zodat eventueel ook tijdig bijgestuurd kan worden. De Commissie Transparantie en Tijdigheid heeft daar oplossingen voor aangedragen. De VVD heeft de volgende vragen bij het schriftelijk overleg ten aanzien van de kabinetsreactie op het rapport van deze commissie.

Het streven moet er op gericht zijn om de realisatiecijfers te vervroegen. Het is goed dat door eerdere maatregelen aan het einde van het jaar het deel van de jaarschade waarvoor door de zorgverzekeraar nog geen declaratie heeft ontvangen is gedaald van rond de 50% naar rond de 30%.

De leden van de VVD-fractie ondersteunen de keuzes van het kabinet als het gaat om het opvolgen van de aanbevelingen van de Commissie Transparantie en Tijdigheid. Kan de minister in meer algemene zin een planning van de uitvoering van de aanbevelingen aangeven en ook hoe de Tweede Kamer over de voortgang wordt geïnformeerd?

De leden van de VVD-fractie lezen dat de minister zich zal inspannen om bij de presentatie van de cijfers, bijvoorbeeld in de begroting en het jaarverslag, beter aan te sluiten bij de beleving van de burger. Hoe gaat de minister dat doen? En wanneer is dat zichtbaar in de begroting en het jaarverslag? Hoe verhoudt zich dit tot de reeds genomen maatregelen om meer inzicht te geven in het gevoerde en geplande beleid in het jaarverslag en de begroting?  

De minister wil kijken hoe de definitieve vereveningsronde kan worden vervroegd en het aantal vereveningsrondes kan worden verminderd. Wanneer kan de Tweede Kamer hiervoor nadere voorstellen krijgen? Wat zijn de gevolgen van een dergelijke exercitie voor zorgverzekeraars en het goed aansluiten van de vereveningssystematiek bij de werkelijkheid?

Daarnaast is met name in de medisch-specialistische zorg en de curatieve GGZ sprake van een zeer late informatievoorziening. De definitieve omvang van de schade is daardoor pas halverwege het derde jaar na afloop van het desbetreffende kalenderjaar bekend. Ziet de minister mogelijkheden om de declaratietermijnen verder te verkorten, zodat de definitieve schade eerder bekend is? Op welke wijze kan het deel van de jaarschade waarvoor verzekeraars nog geen declaratie hebben ontvangen verder worden teruggedrongen dan de huidige 30%? Kan bijvoorbeeld het aantal dagen na het beëindigen van de behandeling en het uiterlijk sluiten van een DBC worden verkort? Welke mogelijkheden ziet de minister om afspraken over maximale declaratietermijnen mee te nemen in de nieuwe bekostigingssystematiek voor de GGZ? Is het tijdig declareren en belonen daarvan onderdeel van de nog te sluiten hoofdlijnenakkoorden?

De leden van de VVD-fractie zijn in principe voorstander van meer horizontaal toezicht, omdat dit ervoor kan zorgen dat het registratie-, declaratie- en controlproces efficiënter en effectiever kan worden ingericht. Welke afspraken kunnen hierover gemaakt worden en wanneer kan dit plaatsvinden? In hoeverre wordt dit ook meegenomen in de nog te sluiten hoofdlijnenakkoorden?

De leden van de VVD-fractie willen graag weten wat de gevolgen zijn van het meer ruimte bieden aan zorgverzekeraars en zorgaanbieders als het gaat om het begrip “rechtmatigheid”. Kunnen daarvan enkele concrete voorbeelden gegeven worden? 

De leden van de VVD-fractie vinden de invulling van de aanbeveling om innovatieve resultaatafspraken uit te voeren in de vorm van het bekostigen op gezondheidswinst en uitkomsten nog mager en passief. Het belang van de zorgprofessionals moet gericht zijn op de uitkomst van de behandeling in plaats van de omzet. In het Regeerakkoord is een stevige inzet op het ontwikkeling van uitkomstindicatoren opgenomen, bij voorkeur aansluitend bij internationale initiatieven. Hoe wil het kabinet deze inzet vormgeven? En hoe wil het kabinet toewerken naar meer uitkomstbekostiging binnen het stelsel? Wanneer is er meer duidelijk over de doorontwikkeling van de bekostiging van de MSZ en GGZ door de NZa? En hoe wordt uitkomstbekostiging daarin meegenomen?

De leden van de VVD-fractie lezen dat de minister het verplicht, periodiek aanleveren van onderhandenwerkinformatie een belangrijke aanbeveling vindt. Partijen krijgen nog een laatste kans om vrijwillig goede leveringen te realiseren. Hoe lang krijgen die partijen nog de tijd van de minister? Wat zijn de voor- en nadelen van het vastleggen van deze verplichting in de wet- en regelgeving?