Opnieuw schriftelijke vragen over Waddenagenda

De VVD wil de Wadden als uniek gebied beschermen, maar wil niet dat het op slot gaat of dat er geen ontwikkeling meer mogelijk is. Want het is een gebied waar mensen genieten van de natuur, maar waar ook mensen wonen en hun boterham verdienen, bijvoorbeeld in het toerisme, visserij en akkerbouw. Ecologie en economie moeten in balans zijn. In november 2020 stelde de VVD daarom kamervragen, nadat in september 2020 ook al kamervragen waren gesteld. Ook werd een motie van de VVD aangenomen. De VVD heeft echter nog een fors aantal vragen over de gevolgen voor de landbouw, visserij, akkerbouw en vooral de pootaardappelsector.

Schriftelijke vragen van de leden Aukje de Vries en Lodders (beide VVD) aan de Ministers van Infrastructuur en Waterstaat en  van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit naar aanleiding van de brief “Agenda voor het Waddengebied 2050” d.d. 11 december 2020

  1. Herinnert u zich de aangenomen motie 355570-XII nr. 65 van VVD en CDA over de Waddenagenda? Hoe is deze motie verwerkt in de Waddenagenda 2050?
  2. In de brief van 11 december 2020 wordt ingegaan op de impactanalyse uit het tweede dictum van de motie, maar waarom wordt of is niet ingegaan op het eerste dictum (“verzoekt de regering in beleidsstukken en beleidsuitvoering, zoals de Agenda voor het Waddengebied en het bijbehorende Uitvoeringsprogramma, te zorgen dat de positie en activiteiten van economische sectoren, zoals de pootaardappelsector, maar ook breder de akkerbouw en toerisme, voldoende wordt geborgd.”)? Hoe wordt of is dit nu geborgd in de Waddenagenda 2050? Tot welke aanpassing heeft deze motie geleid in de Waddenagenda 2050? Wanneer kan de impactanalyse gereed zijn?
  3. Op de Toogdag Waddengebied op 3 februari 2021 is het de bedoeling om de instemmingsverklaring van de Agenda te ondertekenen door bestuurders en stakeholders, wie gaan de instemmingsverklaring allemaal ondertekenen? Wat is de status van de ondertekening? Welke organisaties en personen vanuit de visserij, landbouw, akkerbouw, havens en bedrijven gaan de instemmingsverklaring ondertekenen? In hoeverre is de akkerbouw, pootaardappelsector (van veredeling tot afzetketen) en visserij straks ook expliciet ondertekenaar van de instemmingsverklaring? Waarom niet?
  4. Wat zegt het de ministers dat met betrekking tot de inspraak, ca. 35% van de indieners uit de landbouw komt, ca. 19% uit de visserij, ca. 27% van havens en bedrijven, ca. 16% van bewoners en ca. 3% van natuur- en milieuorganisaties? Wat zegt dit over het proces en over het draagvlak? Bent u het met de VVD eens dat hieruit duidelijk blijkt dat er geen balans is tussen ecologie en economie? Zo nee, waarom niet? Waar komt volgens u de ontevredenheid vandaan vanuit de landbouw, visserij, havens en bedrijven?
  5. Tot welke wijzigingen in de Waddenagenda 2050 hebben alle inspraakreacties geleid, kan daarvan een uitputtend totaaloverzicht gegeven worden? En daarnaast een overzicht worden gegeven van de inspraakreacties die niet geleid hebben tot een aanpassing met daarbij een inhoudelijke onderbouwing? Kunt u in beide gevallen benoemen wie de indiener van de inspraakreactie is? Indien de inspraak niet heeft geleid tot aanpassingen of wijzigingen van de concept-Waddenagenda 2050, wat is dan het nut van de inspraak geweest? Wat is de status van de Nota van Antwoord?
  6. Welk overleg heeft er plaats gevonden met de landbouw, de akkerbouw (incl. de pootaardappelsector en de zoals onder vraag 3 benoemde keten), de visserij, de havens en de toeristische sector? Kunnen de ministers de data van het overleg aangeven en de gespreksverslagen van deze overleggen met de Tweede Kamer delen? Zo nee, waarom niet?
  7. Kunnen de ministers garanderen dat functies als akkerbouw, pootaardappelsector, de visserij en de keten niet door of als gevolg van de Waddenagenda moeten wijken of met onaanvaardbare gevolgen te maken krijgen? Zo ja, op welke manier gaat u dit garanderen? Zo nee, waarom niet? Kunnen de minister garanderen dat de pootaardappelsector in de noordelijke kleischil hun wereldpositie kunnen behouden en daar niet als gevolg van de Waddenagenda verandering in komt? Zo nee, waarom niet? En kunnen de ministers garanderen het kustgebied dat tot de beste landbouwgebieden van Europa behoort, dat daar niet als gevolg van de Waddenagenda verandering in komt? Zo nee, waarom niet?
  8. Bent u bereid ruim voor de Toogdag Waddengebied op 3 februari 2021 een (digitaal) werkbezoek te brengen aan de akkerbouw, pootaardappelsector en visserij in het gebied dan wel een (digitaal) overleg met betrokkenen uit deze sectoren te hebben, om in gesprek te gaan, omdat ze groep nog steeds ongerust en onzeker is? Zo nee, waarom niet? Zo ja, kunt u direct daarna een verslag hiervan doen toekomen aan de Tweede Kamer?
  9. Wat is de noodzaak om de instemmingsverklaring op 3 februari 2021 te gaan ondertekenen? Waarom kan dit niet uitgesteld worden tot in ieder geval de impactanalyses zijn uitgevoerd (moties 355570-XII nr. 65 en 33450 nr. 93) en er meer zicht is op het concept-uitvoeringsprogramma? Bent u daartoe bereid? Zo nee, waarom niet?
  10. Wat betekent het precies dat de agenda niet “in beton gegoten is”? Wie kan besluiten over aanpassingen en hoe gaat dit procedureel?
  11. Bent u het met de VVD eens dat een Waddenagenda zonder volledige en expliciete steun van de landbouw, akkerbouw en visserij geen Waddenagenda is en kan zijn? Zo nee, waarom niet?
  12. Welke organisaties en personen worden betrokken bij het opstellen van het uitvoeringsprogramma Waddengebied 2021-2027, hoe ziet dat proces eruit, wat is de tijdplanning? Hoe worden de landbouw, de akkerbouw, de pootaardappelsector en de keten expliciet betrokken bij het opstellen van het uitvoeringsprogramma? Zo nee, waarom niet? Hoe worden de vissers en de keten expliciet betrokken bij het opstellen van het uitvoeringsprogramma?
  13. Hoe zijn of worden de verschillende economische sectoren betrokken bij de governance voor het Waddengebied en de Waddenagenda?
  14. Hoe kan het dat de NOVI eerder is vastgesteld dan de Waddenagenda 2050, terwijl deze toch als input zou dienen voor de NOVI?
  15. In hoeverre hebben de ministers voldoende zicht op de samenloop van de Waddenagenda, het Noordzeeakkoord en de Brexit voor de vissers en de keten, en kan hierop uitgebreid ingegaan worden? Hoe wordt invulling gegeven aan motie 33450 nr. 93 over de gevolgen voor de visserij?
  16. Delen de ministers dat het in samenhang beoordelen van de Waddenagenda, het Noordzeeakkoord en de Brexit nodig is om een stapeling van maatregelen te voorkomen? Zo nee, op welke manier wilt u dan voorkomen dat de verschillende economische sectoren onevenredig getroffen worden? Zo ja, op welke manier gaat u borgen dat de samenhang van deze ‘agenda’s’ niet tot een onevenredige druk zal leiden?
  17. Kunt u begrijpen dat het draagvlak voor processen die moeten leiden tot akkoorden zoals het Noordzeeakkoord of de Waddenagenda verder zal afnemen naarmate de verschillende economische sectoren het gevoel hebben dat zij niet of nauwelijks inspraak hebben of gehoord worden? Zo nee, waar baseert u zich op? Zo ja, wat gaat u doen om dit in de toekomst op een andere manier aan te pakken?
  18. Gaat het kabinet de totstandkoming van akkoorden zoals het Noordzeeakkoord en de Waddenagenda ook evalueren? Zo nee, waarom niet? Zo ja, wanneer? En gaat het kabinet daarbij dan ook kijken naar draagvlak van alle betrokken partijen bij dit soort akkoorden en de rol en positie van de Tweede Kamer?
  19. Herinnert u zich de aangenomen motie 29685 nr. 198 over dat de bereikbaarheid van de Waddeneilanden en Waddenhavens van maatschappelijk en economisch belang is? Wat is daarmee gedaan in de Waddenagenda 2050? Tot welke concrete zaken heeft dat geleid in de Waddenagenda 2050? Hoe gaat deze motie betrokken worden en vertaald worden in het uitvoeringsprogramma?
  20. In hoeverre blijven in het kader van het historisch medegebruik voor bewoners het voor eigen gebruik vangen (vis, schaal- en schelpdieren) en oogsten uit de zee (zoals zeekraal), jutten en wadlopen op dezelfde wijze mogelijk zoals nu het geval is? Kunnen de minister garanderen dat door de Waddenagenda dit niet gaat veranderen? Zo nee, waarom niet?
  21. Kunt u de bovenstaande vragen per vraag beantwoorden en de antwoorden zo snel mogelijk beantwoorden, maar ruim voor de Toogdag Waddengebied van 3 februari 2021?