Debat verkiezing voorzitter Tweede Kamer

De Tweede Kamer debatteerde over de verkiezing van de nieuwe voorzitter van de Tweede Kamer. Na de verkiezingen kiest de Tweede Kamer altijd een voorzitter. De VVD ziet een voorzitter als iemand die de ruimte laat waar het kan en ingrijpt waar het moet. De voorzitter is ook de belangrijkste externe vertegenwoordiging van het parlement, nationaal en internationaal, en stuurt de Kamerorganisatie aan. De VVD stelde alle drie de kandidaten, Khadija Arib, Vera Bergkamp en Martin Bosma, vragen over hoe zij het voorzitterschap willen vormgeven. Vragen over het spanningsveld tussen de vrijheid van meningsuiting en grenzen aan onze omgangsvormen en woordgebruik in debatten, hoe we zorgen voor meer aandacht voor wetgeving en debatten op hoofdlijnen in plaats van de waan van de dag, en het bevorderen van de juiste balans tussen macht en tegenmacht. Na het debat is Vera Bergkamp gekozen tot nieuwe voorzitter.

Spreektekst VVD Tweede Kamerlid Aukje de Vries in het debat over de verkiezing van de Voorzitter van de Tweede Kamer (d.d. 7-04-2021)

Voorzitter, er is alweer zoveel gebeurd, we zouden bijna vergeten dat we nog aan het begin van een nieuwe Kamerperiode staan. En daar hoort bij dat wij onze Voorzitter kiezen.

Een functie die zo mogelijk de afgelopen periode nog belangrijker is geworden dan hij al was. In deze Kamer hebben wij debatten gevoerd over maatregelen die diep ingrijpen in het leven van mensen. En daar zitten we nog middenin. We spreken over onderwerpen waarover scherp gedebatteerd wordt. Dat kan heel mooi zijn, maar het is soms ook hard, en daardoor niet altijd fraaier. Ook is het aantal partijen opnieuw toegenomen. Dat vergt nog meer van de voorzitter van ons parlement. Een voorzitter die ruimte laat waar het kan en ingrijpt waar het moet!

Maar voorzitter, het voorzitten is natuurlijk niet de enige taak. Onze voorzitter is ook de belangrijkste externe vertegenwoordiging van het parlement. Nationaal en internationaal.

Het derde aspect is het aansturen van de Kamerorganisatie. De afgelopen periode hebben we kunnen zien hoe belangrijk ook dit minst zichtbare deel van het voorzitterswerk is.

We hebben om te gaan met steeds veranderende corona regels en de effecten daarvan op dit parlement, ons werk en de toegankelijkheid van ons parlement. We gaan later dit jaar verhuizen. Maar we hebben bijvoorbeeld ook om te gaan met de digitalisering en de gevolgen en kansen daarvan voor ons werk.

Voorzitter, in vak-K zitten drie kandidaten. Onze huidige voorzitter die haar werk zou willen voortzetten en twee collega’s die menen een goed opvolger van haar te zijn. Complimenten voor het feit dat zij zich allen beschikbaar hebben gesteld.

Ik wil om te beginnen graag alle kandidaten een paar vragen stellen over het werk hier in deze zaal.

Ik sprak eerder over de verharding van het debat. Dat zien we in de samenleving, maar ook hier in huis. Ik hoor graag van alle kandidaten hoe zij het spanningsveld zien tussen de vrijheid van meningsuiting en de manier waarop wij hier met elkaar omgaan en debatteren. Zijn er grenzen aan woordgebruik en wat wij elkaar hier toewensen? En als daar grenzen aan zitten, welke consequenties horen dan bij het overschrijden van die grenzen?

Een andere vraag. Welke lessen trekken de kandidaten uit de conclusies van de Commissie Bosman voor het werk als voorzitter van de Tweede Kamer en voor de Tweede Kamer zelf?  Wat wilt u doen met de zeven aanbevelingen?

De Werkgroep herziening Reglement van Orde heeft aangegeven dat er meer aandacht moet zijn voor wetgeving en debatten op hoofdlijnen, in plaats van de waan van de dag. Hoe gaat u hiervoor zorgen?

En nog een vraag voor de collega’s in vak K. Zij noemen in hun brief alle drie het belang van macht en tegenmacht. Hoe denken de kandidaten dit als Kamervoorzitter te bevorderen?

Voorzitter, dan graag nog wat specifieke vragen voor de kandidaten. Ik begin met onze huidige voorzitter, mevrouw Arib.   

In haar brief kijkt mevrouw Arib voornamelijk terug op haar periode als voorzitter. Kan zij straks in haar termijn ook vooruitkijken? Hoe ziet zij de toekomstige rol van de Kamervoorzitter?

Voorzitter, de gemiddelde zittingsduur van een Kamerlid is iets meer dan 6 jaar. Maar bij voortijdig vertrek geven leden regelmatig aan dat dit ook te maken heeft met de balans tussen privé en werk. Wat heeft mevrouw Arib daar in de afgelopen jaren concreet aan gedaan om dit beter te maken?

Hetzelfde geldt voor de informatiepositie van de TK. Wat gaat mevrouw Arib daar de komende 4 jaar aan doen om dat te verbeteren?

Voorzitter, ik zei het al, de Coronapandemie heeft niet alleen grote gevolgen voor ons land, maar ook voor ons werk. Waar wij Nederland vroegen zo veel mogelijk thuis te werken, lijken wij hier geen gebruik te maken van de digitale mogelijkheden die er tegenwoordig zijn. Dus moesten alle Kamerleden voor quorum en stemmen in de Tweede Kamer zijn, terwijl het motto was “werk zoveel mogelijk thuis”. Waarom kan dat in de Eerste Kamer wel anders georganiseerd worden, maar hier niet?

En voorzitter, tot slot, hoe kijkt mevrouw Arib terug op haar rol in de besluitvorming rond de verhuizing?

Dan een vraag aan mevrouw Bergkamp. Wat moet er naar haar mening veranderen in de organisatie van de Kamer? Hoe wordt het blijvend professionaliseren van de organisatie bereikt? Wat wil ze met de Kamerorganisatie?

Mevrouw Bergkamp zegt meer structuur en voorspelbaarheid in de plenaire agenda te willen. Wat wil zij concreet veranderen? 

Zij geeft verder aan de vergaderingen strikt onafhankelijk en onpartijdig te willen leiden. Mag ik aannemen dat dit breder geldt dan alleen in de vergaderingen? Voorzitter moet soms snel en duidelijk besluiten. Hoe gaat mevrouw Bergkamp dit doen? Heeft ze een voorbeeld uit de praktijk van een snel en daadkrachtig besluit?

Tot slot, mevrouw Bergkamp geeft aan te beschikken over een uitgebreide HR-ervaring. Wat neemt zij daarvan mee naar de functie van voorzitter?

En tot slot enkele vragen aan de heer Bosma. Hij schrijft dat zijn belangrijkste inzet het herstel van de Kamer als tegenmacht zal zijn. Hoe wil hij dat vormgeven? En wat wil de heer Bosma met de Kamerorganisatie? Daar gaat hij in zijn brief niet op in.

Voorzitter, in de profielschets staat dat de voorzitter een goede vertegenwoordiger van de Kamer in binnen- en buitenland moet zijn. Hoe denkt de heer Bosma daar invulling aan te geven, ook in het licht van de uitspraken van de PVV over nepparlement, maar ook bij representatieve momenten waar zijn partij tegen is?

De partij van de heer Bosma was tegen de verhuizing van het parlement, hoe wilt u zich daar als voorzitter dan nu constructief in opstellen?

Ik zie uit naar de beantwoording door de kandidaten. Dank u wel.