Debat over de EU-Gezondheidsraad

Er wordt op dit moment druk onderhandeld over het Europese digitale coronacertificaat. Nederland wil daarbij meer ruimte creëren, bijvoorbeeld al direct na de laatste prik een vaccinatiebewijs en kinderen onder de 12 niet testen, en de VVD steunt die inzet. Maar er is ook nog veel onduidelijk en onzeker. De VVD wil dat daarover zo snel mogelijk duidelijkheid kom met het oog op de zomer. Er dreigt ook een lappendeken met allemaal verschillende regels voor het inreizen in de EU-landen. De VVD heeft daarnaast aandacht gevraagd voor de leveringszekerheid van medische isotopen en het tegengaan van antibioticaresistentie. 

Spreektekst VVD-Tweede Kamerlid Aukje de Vries tijdens het commissiedebat EU-Gezondheidsraad (d.d. 15 juni 2021):

Dank u wel, voorzitter. Allereerst een algemene zin over de gezondheidsunie van de Europese Commissie. Wij vinden zorg en volksgezondheid een nationale competentie en dat moet wat ons betreft ook zo blijven. Alleen zien wij best dat er een aantal zaken zijn die grensoverschrijdend zijn en waar het meerwaarde zou hebben om dat binnen de Europese Unie op te lossen. Maar het moet dus niet de kant op dat we alles zouden moeten doen binnen de Europese Unie.

De voorzitter Portugal geeft ook aan dat we snelheid moeten maken. Ik ben blij dat Nederland daar kritisch in staat, want er zijn een aantal dingen die gewoon niet met deze crisis te maken hebben. Het moet niet zo zijn dat het doorgedrukt wordt. Ik ben wel benieuwd naar de reflectie van de minister daarop. Mijn collega had het zonet ook al over de versterking van ECDC. Dat betekent dat lidstaten heel veel medische en niet-medische databronnen moeten gaan aanleveren. Wij zijn wel benieuwd hoe dat geregeld is als het gaat om de privacy en de veiligheid van die gegevens. De EU heeft de aankoop van vaccins gedaan en wij zijn wel benieuwd wanneer die aankoop onafhankelijk geëvalueerd gaat worden, zodat we daarvan kunnen leren voor de toekomst.

Dan het digitale coronacertificaat. We hebben zonet een uitgebreide technische briefing gehad. Die was verhelderend op een heleboel punten. De inzet van Nederland die daar gepresenteerd werd, lijkt ons de goede, maar we zijn wel benieuwd wat het krachtenveld is en waar de minister denkt dat het uit gaat komen. Daar zitten namelijk wel een heleboel bepalende zaken in: wat groen is, wat niet groen is, wie wel en wie niet getest moet worden. Wij vragen ons ook af hoeveel ruimte er straks is om eigen inreisregels voor verschillende landen af te spreken, want Spanje heeft nu al aangekondigd om een test maar 48 uur geldig te laten zijn. Dat neigt naar een lappendeken. Communicatie is dan cruciaal. Ik ben benieuwd hoe we dat gaan doen.

Er werd ook gesproken over bilaterale afspraken, om eventueel met een aantal gelijkgezinde landen toch nog wat andere afspraken te maken. Hoever is dat? Daarbij gaat het vooral om binnen de Europese Unie. Ik ben ook wel benieuwd hoe het buiten de Europese Unie staat en of daar interoperabiliteit is, zoals ze dat zo mooi zeggen. De belangrijkste vraag is natuurlijk of we op 1 juli klaar zijn, want dat zou heel veel geruststelling kunnen geven voor Nederlanders die op reis willen.

Dan nog een paar andere dingen die ik kort wil aanstippen. Bij de Raadsconclusie duurzame, eerlijke en universele toegang tot geneesmiddelen en medische hulpmiddelen is mij niet helemaal duidelijk wat de Raadsconclusies zullen zijn en wat er dus precies afgesproken wordt. Dat was niet helder uit de agenda te halen. Er is discussie over het aanpassen van de gekwalificeerde meerderheid rondom de verordening Health Technology Assessment. Hoe ziet het krachtenveld in Europa eruit? Kunnen we daarvoor voldoende medestanders krijgen? De medische isotopen vind ik ook belangrijk in het kader van het Europees kankerbestrijdingsplan. Welke ruimte is er om in Europa een bijdrage te leveren? We hebben natuurlijk enerzijds de Pallas-reactor, maar anderzijds ook particuliere initiatieven zoals SHINE.

Dan de twee laatste punten. Een is de antibioticaresistentie. Daar is het programma JAMRAI voor. Nederland is er wat ons betreft terecht voorstander van om daar een vervolg aan te geven, want bij een aantal lidstaten zijn de resistentiecijfers echt verontrustend hoog. Hoe gaat dat nu verder? Gaat de minister zich daar ook voor inzetten?

Mijn allerlaatste punt is de Europese ruimte voor gezondheidsgegevens, waar de Europese Commissie naar kijkt. Wij maken ons daar wel een beetje zorgen over. Er wordt een verordening gepresenteerd in het najaar van 2021. Als het gaat om medische gegevens, zijn privacy en veiligheid natuurlijk cruciaal. Wij zijn wel benieuwd hoe dat nu geregeld gaat worden, of we daar meer informatie over kunnen krijgen en wat de link is met de verordening ter vaststelling van de versterking van ECDC. Wordt, als je met deze verordening akkoord gaat, straks automatisch ook de link gelegd naar de verordening voor de ruimte voor gezondheidsgegevens?

Dat was het wat mij betreft, voorzitter. Dank.