Resolutieheffing SNS: zorg over kredietverlening MKB

De VVD is voor het voorstel dat de banken 1 miljard euro bijdragen aan de nationalisatie van SNS. Daarbij heeft de VVD afgewogen dat de banken indien SNS Reaal failliet was gegaan ook fors hadden moeten meebetalen via het Deposito Garantie Stelsel (DGS). Maar ook dat De Nederlandsche Bank de 1 miljard euro nog net verantwoord vindt. De VVD maakt zich zorgen over de gevolgen van de resolutieheffing voor de versterking van de kapitaalbuffers, maar vooral ook voor de kredietverlening. Daarom heeft de VVD een motie ingediend over de kredietverlening aan het MKB.

Debat Tweede Kamer >>>

De VVD is voor het voorstel dat de banken 1 miljard euro bijdragen. Daarbij heeft de VVD afgewogen dat de banken indien SNS Reaal failliet was gegaan ook fors hadden moeten meebetalen via het Deposito Garantie Stelsel (DGS). Dit zou kunnen oplopen tot 5 miljard euro voor de Nederlandse banken. Maar ook dat De Nederlandsche Bank de 1 miljard euro nog net verantwoord vindt.

Maar dit is het wat de VVD betreft dan ook wel als het gaat om het verder belasten van banken. Zeker als het gaat om maatregelen die niet bijdragen aan de financiële stabiliteit, maar er wel voor zorgen dat de kapitaalbuffers langzamer kunnen worden opgebouwd en een risico vormen voor de kredietverlening. Want kredietverlening is cruciaal voor de economie en banen.

De PvdA en VVD hebben bij het debat over de nationalisatie van SNS gevraagd om een nadere onderbouwing van de eenmalige resolutieheffing van € 1 miljard. Daaraan is invulling gegeven door de door DNB geleverde onderbouwing van de maximale resolutieheffing. De DNB zegt dat met deze heffing en de bijbehorende compensatie via uitstel van DGS-bijdragen de grens van het verantwoorde is opgezocht. De VVD vindt het belangrijk dat we die grens niet over gaan. Wat kan het kabinet doen als straks in de praktijk blijkt dat we de grens toch over zijn gegaan? Het kabinet vindt dat er een redelijke kans is dat deze heffing geen grote gevolgen op de kredietverlening heeft. Wat verstaat de minister onder redelijke kans? En onder grote gevolgen?

Kredietverlening

Want de VVD maakt zich zorgen over de gevolgen van deze resolutieheffing voor de versterking van de kapitaalbuffers, maar vooral ook voor de kredietverlening. De schatting van de gevolgen voor de kredietverlening variëren van 500 miljoen euro tot 16,5 miljard euro volgens De Nederlandsche Bank. Dat is een enorm verschil, wat is volgens de minister het meest realistisch gevolg? Heeft de minister hierover ook overleg met de bankensector? Welke afspraken zijn gemaakt over het zoveel mogelijk beperken van de gevolgen voor de kredietverlening?

Het Kabinet wil niet speculeren over de gevolgen van deze resolutieheffing voor de economische groei en de werkgelegenheid. Speculeren is nooit goed, maar je moet de ogen ook niet sluiten, anders kan je ook niet tijdig en effectief handelen. Daarom dus wel de vraag wat de gevolgen kunnen zijn volgens de minister voor de economische groei? De economische groei mag niet beperkt worden door te weinig krediet. De scenario’s die bij het AO kredietverlening zijn toegezegd aan de VVD over hoe aan de kredietbehoefte kan worden voldaan bij verschillende scenario’s van economische groei, zou daar meer zicht op kunnen geven. De VVD wil dat hier haast mee gemaakt wordt. De scenario’s moeten uiterlijk eind 2013 gereed zijn. Kan de minister dat toezeggen?

MKB

De afgelopen tijd heeft getoond dat de kredietverlening in totaliteit nog wel toeneemt, maar dat het voor bepaalde sectoren, vooral het MKB achterblijft. En dat terwijl de MKB de motor van de economie is en zorgt voor veel banen in Nederland. De VVD is blij dat het Kabinet bij de Miljoenennota 125 miljoen euro heeft vrij gemaakt voor het stimuleren van de kredietverlening aan het MKB.

Het kabinet zegt de ontwikkeling van de kredietverlening te zullen volgen en bij een negatieve ontwikkeling in te zullen grijpen. De minister blijft vaag over welke mogelijkheden er dan nog zijn om de kredietverlening minder te belasten, welke instrumenten daarvoor ingezet kunnen worden. Kan de minister aangeven welke mogelijkheden er dan nog zijn om de banken meer ruimte te geven voor kredietverlening? Kan de minister toezeggen dat ook als voor het MKB de kredietverlening enkele opeenvolgende kwartalen negatief is of acuut fors krimpt, er ingegrepen wordt door het kabinet? En dus dan ook gekeken wordt naar instrumenten om de banken meer ruimte te geven als het gaat om kredietverlening? De VVD hoopt dat de minister dit kan toezeggen, anders overwegen wij een motie.

Tot slot, hoe houdt de minister de Tweede Kamer op de hoogte van de gevolgen van deze resolutieheffing voor de opbouw van de kapitaalbuffers en de gevolgen voor de kredietverlening?