Laat kleine verzekeraar niet verdwijnen

In het Financieele Dagblad stond het bericht "Laat kleine verzekeraar niet verdwijnen". Eerder heeft VVD Tweede Kamerlid Aukje de Vries ook al vragen gesteld over kleine verzekeraars. Naar aanleiding van het nieuwe artikel heeft het liberale Kamerlid weer vragen gesteld. Allereerst over de vrijstelling voor onderlinge verzekeraars, maar ook over de belemmeringen voor nieuwe (kleine) verzekeraars en andere (financiële) startups.

Antwoord op vragen Laat kleine verzekeraar niet verdwijnen

Schriftelijke vragen van Aukje de Vries (VVD) aan de Minister van Financiën over artikel “Laat kleine verzekeraar niet verdwijnen”

  1. Kent u het artikel “Laat kleine verzekeraar niet verdwijnen” van 6 augustus 2015 in Het Financieele Dagblad? Wat vindt u van de inhoud van dit artikel?
  2. Hoe moet dit artikel gezien worden tot de antwoorden van 29 mei 2015 op eerdere Kamervragen van de VVD over het bericht “Kleine verzekeraars vechten voor voortbestaan”? Hoe beoordeeld de minister zijn eigen gegevens uit deze antwoorden waaruit blijkt dat het aantal kleine verzekeraars is afgenomen en er nauwelijks nieuwe kleine verzekeraars zijn bijgekomen sinds 2011?
  3. Komt er met Solvency II en Solvency Basic (incl. de vrijstellingsregeling) in feite een einde aan de traditie van onderling verzekeren? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet?
  4. In hoeverre vindt de minister dit een wenselijke ontwikkeling, want onderlinge verzekeraars passen toch prima in het streven naar een participatiesamenleving? Deelt de minister de mening dat het onwenselijk is dat onderlinge verzekeraars verdwijnen?
  5. Welke regelgeving knelt of gaat knellen voor onderlinge verzekeraars? In hoeverre is de regelgeving en de bijkomende bureaucratische verplichtingen proportioneel?
  6. Waarom wordt de toezegging in de Memorie van Toelichting bij de Implementatiewet richtlijn solvabiliteit II (33 273) dat nog wordt bezien in hoeverre aan verzekeraars met beperkte risico-omvang die niet aan genoemde voorwaarden voldoen, maar zich wel volledig herverzekeren, ook een gehele of gedeeltelijke vrijstelling kan worden verleend, niet nagekomen?
  7. Waarom komt deze vrijstelling niet terug in de concept-regeling die momenteel tot eind augustus ter consultatie voor ligt? In hoeverre betekent dit dat de vrijstelling er niet komt en wat zijn de gevolgen daarvan? Is de minister bereid om deze vrijstelling alsnog op te nemen in de regeling? Zo nee, waarom niet? Hoeveel verzekeraars zouden naar schatting onder deze definitie van volledig herverzekeren kunnen vallen bij een mogelijke vrijstelling? Is de huidige eis van volledig herverzekeren wel redelijk? Wordt hiermee de huidige definitie van genoegzaam herverzekeren vervangen door de definitie van volledig herverzekeren? Zo ja, waarom en wat is hiervoor de aanleiding en wat zijn hiervan de gevolgen voor kleine verzekeraars?
  8. Wat doen het ministerie en de toezichthouders om kleine verzekeraars een kans te geven om in de toekomst ook een rol te blijven vervullen?
  9. Wat doen het ministerie en de toezichthouders om nieuwe (kleine) verzekeraars en andere (financiële) startups een reële mogelijkheid te geven toe te treden tot de markt, want zij kunnen zorgen voor concurrentie, (regionaal) maatwerk, innovatie en soms zelfs op een goede manier “disruptive” zijn? Welke belemmeringen zijn daarbij? Wat wordt er gedaan om deze belemmeringen weg te nemen?
  10. In hoeverre worden de ontwikkelingen c.q. de gevolgen van de invoering van Solvency Basic gemonitored, zodat bij onwenselijke ontwikkelingen tijdig kan worden ingegrepen? Wanneer wordt Solvency Basic geëvalueerd?
  11. Is de minister bereid de Tweede Kamer nader te informeren over inhoud van de vrijstellingsregeling Solvency Basic en de uitkomsten van de internetconsultatie?